De Limburger: Lions wil Bevo-fans zwijgen op leggen 

Door Ingrid Lemmens en Tom van der Wilt

 

De strijd op het veld moet nog beginnen, maar vooraf worden de vetes uitgevochten tussen OCI-Lions en Targos Bevo HC.

Ontblote bovenlijven, grote blauw-gele vlaggen, een megafoon en voor elke Bevo-speler een liedje. Op die manier hielpen Bevo-fans hun club zaterdag hartstochtelijk aan de overwinning. Lions wil dit soort taferelen zondag bij de derde en beslissende wedstrijd duel echter weren. De club gaat een decibelmeter plaatsen om het geluid te beperken als de Bevo-fans te luidruchtig aanmoedigen en sfeerartikelen als vlaggen, toeters en spandoeken in beslag nemen. Ook is er een beveiligingsbedrijf ingeschakeld.

 

Voor Bevo-voorzitter Mustafa Amhaouch is dit onacceptabel. “Supporters moet je supporters laten zijn. Met toeters, vlaggen en alles wat daar bij hoort. Ze creëren sfeer en maken goede reclame voor het handbal. Dat is toch wat we met z’n allen willen. Dan moet je nu niet met regeltjes komen.”

 

Lions voorzitter Thieu Kikken vond het in Panningen te veel een voetbalsfeer: “Het mag allemaal wat minder luidruchtig. Zaterdag in Panningen voelden onze fans zich geïntimideerd.’ De Bevo-tifosi wilden samen met bevriende supporters van studentenclub Aristos uit Amsterdam zondag achter Bevo gaan staan. Voor Lions is dit echter not done, maar de club kan dit niet verbieden. Kikken: “Iedereen kan online kaartjes kopen, maar wij willen voorkomen dat het een ‘ramp-feestje’ gaat worden.”

Kikken doelt op eventuele ongeregeldheden. Zijn collega Amhaouch wil dit uiteraard ook niet: ‘Ik verwacht absoluut geen problemen.”

 

Bevo en Lions voerden eerder deze week ook al felle discussies over de kaartverkoop. Bevo krijgt 550 kaarten van Lions, maar omdat op de website van de Sittardse club tickets gekocht kunnen worden, wilde Lions al kaartjes – gekocht door fans uit de regio Noord-Limburg – aftrekken van het Bevo-aandeel. “Daar hebben we tegen geprotesteerd’, zegt Amhaouch. Uiteindelijk moest Lions daarmee akkoord gaan.

 

Bron: De Limburger, d.d. 3 juni 2016